Andoornbij - Anthophora furcata (vr)
Bruinachtig behaarde bijen met een min of meer hommelachtig postuur.Vrouwtjes:haarbandjes op het achterlijf afwezig; laatste rugsegmenten (punt achterlijf) oranje behaard; lengte 10-12 mm.
Vliegperiode: juni-begin augustus. Bloembezoek: bosandoorn, slangenkruid; op moerasandoorn, betonie, gamander, stinkende ballote. Nesten: in vermolmd hout. Voorkomen:verspreid over het grootste deel van het land met een zwaartepunt in Zuid-Limburg
 
Andoornbij (m)
Achterlijf bruinachtige behaard en einde tergieten met smalle witte haarbandjes; gezicht geel; lengte 10-12 mm.
Bij het aanleggen van de broedcellen (tot 7 stuks in een nestgang) wordt ook vermolmd hout gebruikt; foerageert voornamelijk langs bosranden, verder ook holle wegen, langs duinpaden en in tuinen.
Legenda bij kaartje
A Algemeen tot vrij algemeen per provincie of een groot gedeelte daarvan: meer dan 10 uurhokken verspreid
R Regionaal algemeen met 6-10 uur hokken
L Locaal of een kleine regio met 3-5 uur hokken
0 1-2 hokken. 0 symboliseert ook gebieden die misschien sterk onderbemonsterd zijn.
Het verspreidingskaartje is globaal. Het betreft waarnemingen na 1990. In hoofdzaak gebaseerd op het boek De Nederlandse bijen (Peeters et al., 2012)
De kaartjes zijn voorlopig; ze worden in de winter van 2015-2016 vervangen.