Lathyrusbij - Chalicodoma ericetorum
Vrij grote bijen (13-14 mm); achterlijf met brede, dichte heldere doorlopende haarbanden. Vrouwtje: buikschuier geelrood; haarbanden licht bruingeel, maar verblekend.
Vliegperiode: eind mei - begin augustus. Bloembezoek: vliegt in hoofdzaak op vlinderbloemige planten vooral, Aardaker, brede lathyrus, boslathyrus, gewone rolklaver, blazenstuik. Nesten: nestelen in lemige grond of lichte klei; voor het nestmateriaal wordt alleen klei of leem gebruikt. Voorkomen: hoofdzakelijk in het midden en zuidoosten van het land.
Brede lathyrus