Ogentroostbij - Melitta tricinta (vr)
 
Vrouwtjes en mannetjes: kop en borststuk bruinachtig behaard, einde van de middelste tergieten met witte haarbandjes; tergiet 5 en 6 op het middengedeelte zwart behaard en op de zijkanten wit behaard. De witte beharing is bij de vrouwtjes opvallend / contrasterend.
Vliegperiode: half juli - half september. Bloembezoek: In Nederland uitsluitend op helmogentroost (akkerogentroost en rode ogentroost). Nesten: graven nesten in niet sterk doorwortelde zandige grond tot lemige bodems. Voorkomen: zeer zeldzaam.
Ogentroostbij - M. tricinta (m)
Mannetje: antenne knobbelig; witte beharing tergiet 5 en 6 zwakker ontwikkeld dan bij de vrouwtjes
Deze soort kan locaal talrijk op grote oppervlakte voorkomen.