Rosse metselbij - Osmia rufa
Middelgrote (10-12 mm), sterk donkerbruin behaarde bijen ( de kleur verbleekt bij het ouder worden van de bij); de huid met duidelijk groenachtige metaalglans. Vrouwtjes: buikschuier geelachtig; beharing gezicht zwart, borststuk en de 3 voorste achterlijfssegmenten lichtbruin; einde achterlijf zwart.
Vliegperiode: eind maart-eind mei/begin juni. Bloembezoek: allerlei bloemen. Nesten: In allerlei holle ruimtes met een nestingang tussen 5-10 mm onder natuurlijke omstandigheden meestal oude kevergangen in doodhout. Voorkomen: Algemeen in het hele land.